Nerveus kijk ik in de spiegel. Niets te zien. Het licht wordt opgegeten door het monster dat Nacht heet. Complete duisternis. Heel in de verte de lichten van de afrit. En dat is het. Gebalde vuisten op het stuur. Tranen in de ogen. Ik zucht. En start de motor. Lichten aan. Klak. Eerste. De motor loeit. Ik trap het rechtse pedaal tot tegen de bodem. Klak. Tweede. Ik schakel snel. Kort. Ik check de spiegels. Nog steeds niets. Klak. Derde. De strepen worden een lijn. De lichten scheppen de wereld voor me. Klak. Vierde. Nog steeds alleen. Klak. Vijfde. Het gaat echt snel. Weer kijk ik achter me. Laatste kans. Nope. Pech. Kans verkeken. Ik bijt op de binnenkant van m’n wang. Ergens had ik verwacht lichten te zien. Lichten die me zoeken. Warme lichten. Lichten van een auto waar ik ook mee heb gereden. De andere auto. Wat maakt het ook uit. Tijd om de knop om te draaien. Tijd om te vergeten. De vrijheid lacht me toe. Ik rij weg van Vroeger. Weg van Ooit. Weg van herinneringen.Tijd voor iets nieuws. Eindelijk.

Plaats een reactie

*
*