Het is half vijf, en we wachten al twee uur. Twee uur dat we in het natte gras zitten, dicht tegen de omheining van de yard aan. Zo’n dikke 2 meter boven m’n hoofd hangt het prikkeldraad. Een hele boel prikkeldraad. Nog even. We weten het van elkaar. We voelen elkaar zitten. Ik doe m’n ogen dicht. Rechts achter me, ongeveer 5 meter. Links naast me, ongeveer 10 meter. Schat ik. Een driekoppig team. Een dreamteam. Ik kijk op. Het teken is nauwlijks te horen. Het lijkt wel een zucht. go. Ritsel rechts van me. De tang erbij, knip. Snel en stil. Efficient. De adrenaline pompt. Iedereen door het gat. Sprintjes. Cans schudden. Caps wisselen. Een can in elke hand. 600ml chrome elk. We zeggen geen woord. Een halfuur lang. Dan is het gedaan. Plots. Ineens. Snel snel alles opruimen. Tags. Fotos. En dan weg. Als de bliksem. Sprintjes, iedereen door het gat. Dan splitsen, cans dumpen. M’n hart draait overuren.
Het is zeven uur, ik loop door de stad, en ik heb geen slaap nodig.